extern en toetsdeskundig

In de wet op het hoger onderwijs en in accreditatiekaders is het systeem van toetsing en daarmee ook de wijze waarop de examencommissie de kwaliteit van de toetsing in de hand heeft een prominent beoordelingscriterium.  Visitatiepanels moeten volgens het accreditatiekader toetsen of de examencommissies hun wettelijke taken op het gebied van kwaliteitszorg wel uitvoeren.  Voordat de ernst van deze zaak tot de instellingen was doorgedrongen werden al enkele opleidingen op de vingers getikt door visitatiepanels. Met als gevolg een onvoldoende.  Inmiddels wordt deze zaak welke ernstig genomen in alle instellingen en door de meeste opleidingen.  In de afgelopen paar jaar is het accent in de werkzaamheden van de examencommissies duidelijk veranderd. Voorheen stond de individuele gevalsbehandeling centraal, zoals de vaststelling van examenresultaten en de behandeling van fraudegevallen en beroepen en bezwaren. De laatste paar jaar is er een belangrijke taakverschuiving geweest richting de algemene kwaliteitsborging ten aanzien van toetsen en examineren. Uit onderzoeken blijkt dat  dat de meeste examencommissies het borgen van de examenkwaliteit  inmiddels tot hun takenpakket rekenen. Maar het valt nog niet mee om die taak goed uit te voeren, zeker niet met de geringe tijd die de leden van deze commissies voor het werk krijgen. En dan nog: hoe kun je nu bepalen dat de examens voldoende kwaliteit hebben, hoe maak je een toetsanalyse, hoe bepaal je de cesuur, is de validiteit en de betrouwbaarheid wel in orde, wat is het belang van toetsprogramma’s, toetmatrijzen, hoe voorkom je fraude en wat is een fraudeprotocol. Er komt nogal wat expertise bij kijken.  Ook speelt de vraag of de leden van de examencommissies wel voldoende afstand hebben om een onafhankelijk oordeel te vellen over de kwaliteit van de examens.  De examinatoren zijn immers vaak hun meest directe collega’s.  De lat is bij de examencommissies in betrekkelijk korte tijd beduidend hoger komen te liggen zowel wat betreft gevraagde expertise op het gebied van kwaliteit van toetsen, als wat betreft het vermogen om onafhankelijk te kunnen oordelen .

Inmiddels is per wet geregeld dat elke examencommissie een extern lid dient te hebben. Extern betekent niet uit dezelfde groep van opleidingen aan dezelfde instelling. Het werven van een extern lid biedt tevens een goede kans om ook meer toetsdeskundigheid in huis te halen.

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmailby feather